Hoe de wereld verandert tussen volleerde zwijgers

De reis voelde als een vlucht. Weg uit een wereld van 44 doden inclusief de daders, weg van onveilige stations en luchthavens en politici die het ook niet meer weten. Waar waren de andere vluchtelingen? Nergens zag ik de hordes die ik voorzien had. De schamele bezittingen met toevallig touw bij elkaar geraapt op het dak van hun auto. Hun kinderen op de achterbank met de laatste chocola uit de koelkast.

Pas toen ik langs de IJssel richting het Noorden reed (ik weet het, het is niet de snelste weg naar de abdij), werd ik rustig. Hier leek alles nog in evenwicht. De boten op de rivier, de koeien in de wei, een enkele fietser aan de horizon. Het paste allemaal precies.

Op een gegeven moment verdwaalde ik. Ik reed op de gok een onverharde weg in en daar lag de abdij plotseling voor me.

Toen ik mijn auto uitstapte, hoorde ik de monniken al zingen. Ik keek op mijn horloge: de mis was uitgelopen, zoals de monnik die mij verwachtte al had voorspeld. "Bij een hoogfeest, zoals dat van Petrus en Paulus, duurt alles wat langer."

Ik wachtte op mijn gastheer in een streng aandoende kamer met hoge stoelen. Aan de muur hing een crucifix. De monnik kwam binnen, heette me welkom en vroeg of ik koffie wilde. "Mag thee ook?", vroeg ik. Dat mocht.

Eenmaal terug uit de keuken vertelde de monnik dat de abdij uit de jaren vijftig stamde. Ik was verbaasd: als hij mij gezegd had dat het complex in de Middeleeuwen was gebouwd, had ik hem ook geloofd.

Om vijf over twaalf klonk er een harde bel. Tijd voor gebed.

In de bijna beeldloze kapel telde ik elf monniken. Door de ramen zag ik de silhouetten van de bomen, vage restanten van de gewone wereld. Ik hoorde een auto aan komen rijden die ook weer vertrok. Ondertussen zongen de monniken: "Ik geef u de sleutels van het rijk der hemelen."

Na afloop gingen ze ons, twee bij twee, voor naar de refter. Na een kort gebed mochten we plaatsnemen. We zaten in de vorm van een hoefijzer, twee lange tafels met in het midden, aan een eigen tafel, de abt. Het was niet de bedoeling dat we zouden praten, was me van tevoren gezegd. Wel stond er wijn op tafel. Het was tenslotte een hoogfeest vandaag.

Een monnik die ik nog niet gezien had, kwam de refter ingelopen. Hij had een schort voor en hield een cd in zijn rechterhand. "Omdat het feest is, wordt er vandaag niet voorgelezen, maar mogen we luisteren naar een cd met muziek van Haydn", zei hij, en verdween meteen weer.

Even later kwam hij terug met een trolley waarop grote kommen soep stonden. Later kregen we ook nog kip, rijst, salade en ten slotte ijs. Met dank aan Petrus en Paulus.

Zwijgend eten: ik kan het iedereen aanbevelen. Je proeft het voedsel gewoon beter. Geen hap gaat nog ondoordacht je mond in. Weg is de routine van een dagelijkse handeling. Verder geeft het je alle tijd je disgenoten te bestuderen. Een monnik zei me ooit dat je op deze manier beter doorhebt als het met iemand niet goed gaat. Woorden vertroebelen het zicht op de werkelijkheid alleen maar.

Ik voelde mij een beginneling te midden van al deze volleerde zwijgers. Dat bleek toen ik de salade wilde doorgeven aan mijn linkerbuurman. Ik hield de schaal omhoog, min of meer zijn richting op. Geen reactie. Ik zette 'm weer op tafel. Tien seconden later voelde ik een tikje op mijn schouder. "Mag ik wat salade?", fluisterde hij zachtjes. Ik schrok van zijn stemgeluid.

Na ruim een half uur waren we klaar en mochten we weer hardop praten, maar ik had helemaal geen zin iets te zeggen.

Ook in de auto terug bleef het lang stil. Pas bij Arnhem zette ik de radio aan. Het was nog een even grote puinhoop in de wereld als een paar uur daarvoor. Maar toch was er voor mij iets veranderd. Ik wist dat die monniken over een paar uur weer naar die beeldloze kapel zouden gaan om te bidden. Ook - of misschien wel vooral - voor ons, in die wereld voorbij de onverharde weg. En later die dag nog een keer. En de volgende dag om 6.15 uur weer. En daarna nog een keer en nog een keer.

Er werd over ons gewaakt en we hoefden er niets voor te doen.

 

Deze column verscheen eerder in Trouw van zaterdag 2 juli 2016.

 

 
 

Agenda

De nieuwe paus

'Habemus papam!' schalde er op 13 maart over het majestueuze Sint-Pietersplein in Rome. Paus Franciscus is zijn naam, maar wat weten we nu eigenlijk over de nieuwe opvolger van Petrus?

Lees meer..
Vaticaan op YouTube