Vertel eens, zei de paus, wie is die Beunders?

Vorige week zaterdagavond kwam ik paus Franciscus in Rome op straat tegen. "Ha Stijn, hoe is het met je?"

Het antwoord op die vraag was niet eenvoudig. Ik zat die avond eigenlijk te eten met familie, had die maaltijd onderbroken voor een radio-interview op straat, was vervolgens op de terugweg naar het restaurant gegijzeld door twee nonnen die mij dwongen naar de uitstelling van het Allerheiligste te kijken en nu wachtte mijn pasta al veel te lang op mij. Dus zei ik: "Kan niet beter, Heilige Vader."

De paus vertelde dat hij die dag op Lesbos was geweest om samen met twee orthodoxe patriarchen de vluchtelingen daar een hart onder de riem te steken. "Het helpt altijd als ik ergens mijn gezicht laat zien." Hij had twaalf vluchtelingen mee terug genomen naar Rome en was op weg naar het opvangcentrum om te zien hoe ze het maakten.

We spraken nog wat over Amoris laetitia, zijn meeste recente document over huwelijk en gezin ("door heel veel mensen verkeerd begrepen"), de nieuwe bisschop van Groningen-Leeuwarden ("Ik ga jullie verrassen") en we wisselden nog wat familienieuwtjes uit.

We hadden al afscheid genomen, toen hij zich nog een keer naar mij toe draaide: "Zeg, ken jij Henri Beunders?"

"Waarom vraagt u dat?"

"Nou, ik kreeg een telefoontje van onze ambassade in Den Haag dat hij vanochtend in jouw krant een essay heeft geschreven over het vluchtelingenprobleem. De nuntius zei dat als ik dat had gelezen voordat ik naar Lesbos was afgereisd, ik die twaalf arme mensen misschien helemaal niet had meegenomen. Vertel eens, wie is die Beunders eigenlijk?"

"Tja", antwoordde ik. "Hij was een tijdje veel op televisie en hij is hoogleraar."

"Ha", zei Franciscus, "Voor hoogleraren heb ik veel respect. Wat is zijn vakgebied?"

"Ontwikkelingen in de Publieke Opinie", antwoordde ik.

"Is dat een leerstoel?"

"Ja, bij ons wel, wij hebben veel hoogleraren. Zo is er ook een hoogleraar Verkeersovertredingen in de Binnenstad van Utrecht op Oneven Dagen en een leerstoel Regendruppels die vallen tussen Acht uur 's ochtend en Zeven uur 's avonds. En al die hoogleraren moeten minstens één keer per maand een essay schrijven."

"Ik ben onder de indruk. Wat hebben jullie toch een geleerd land! Wat staat er in dat essay?"

Ik vertelde Franciscus dat Beunders zich afzet tegen iedereen die ervoor pleit de grenzen wijd open te zetten voor vluchtelingen. Hij vindt hun ideeën abstract ("ze noemen geen cijfers"), weinig doordacht en niet rekening houdend met de complexe werkelijkheid waarin ons continent zich bevindt. Pleidooien voor open grenzen berusten volgens Beunders op drogredeneringen en brengen de Europese vrede in gevaar. 'Grenzeloze naïviteit', stond er boven het essay.

Toen ik was uitgesproken bleef het even stil. "Weet je wat het is", zei Franciscus toen, op zijn bekende, kalme wijze. "Jullie Nederlanders zijn altijd zo ongeduldig. Dat geldt ook voor de opvang van vluchtelingen. Bedenk wel: daar hebben jullie nog maar zo'n vierhonderd jaar mee te maken. Jullie beginnen pas. Hier in Rome krioelt het al tweeduizend jaar van de vreemdelingen. Laat ik zeggen dat we het inmiddels een beetje onder de knie hebben. Wij denken misschien wat meer na over hoe je mensen ontvangt dan hoe je ze tegenhoudt. Ach, misschien is de hoogleraar gewoon een beetje bang."

Dat zou zomaar kunnen. Beunders eindigt zijn essay met een onheilspellend vergezicht. Angst is voor hem een goede raadgever. Ik haalde de krant tevoorschijn en las in dat Romeinse straatje, bijna overstemd door het lawaai van de terrassen, Beunders' laatste zin voor: "Een permanent en principieel opengrenzenbeleid kan in heel Europa de contrarevolutie ontketenen waarvan we nu overal in Europa helaas de contouren al zien."

Franciscus glimlachte. "Dat is wel erg somber", zei hij. "Weet je, ik zie een vluchteling als een geschenk van wie ik kan leren. Ik ben niet bezig met aantallen. Ik kijk mensen aan en vraag naar hun verhaal. Dan omhels ik ze en laat ze binnen. Ik ben liever naïef dan kil en berekenend."

Toen gaf hij mij een hand en liep rustig weg. Ik keek hem na, maar al snel loste hij op in de Romeinse avond en was het of onze ontmoeting nooit had plaatsgevonden.

Deze column verscheen eerder in dagblad Trouw van 23 april.

 

 
 

Agenda

De nieuwe paus

'Habemus papam!' schalde er op 13 maart over het majestueuze Sint-Pietersplein in Rome. Paus Franciscus is zijn naam, maar wat weten we nu eigenlijk over de nieuwe opvolger van Petrus?

Lees meer..
Vaticaan op YouTube