Zoals de paus al zei: de ouderen, dat zijn wij

‘Wanneer maken ze deze stad nou eens af?

Mijn Romeinse vriend Michele kijkt naar buiten. Hij is in een beschouwende bui.  Als hij het balkon op zou lopen en naar links zou kijken, zou hij de koepel van de Sint-Pieter zien. Die is wel voltooid, zou ik zeggen. Maar daar doelt hij ook niet op. ‘Neem nou de metrolijn C, daar zijn ze al jaren mee bezig. Of het geld is weer eens op, of ze stuiten op resten van oude gebouwen waardoor het werk moet worden stilgelegd.’

Ik vind dat wel mooi. Je wilt je stad transformeren tot een moderne metropool, waar wordt daarbij continue gehinderd door een glorierijk verleden. Oude stenen vragen aandacht. Het borrelt in de grond. Overal sluimert het verzet. Zo laten we ons niet behandelen. Geen nieuwe toekomst zonder ons. En gelijk hebben ze.

Een paar dagen later zit ik met een groep landgenoten bij de paus. Woensdagochtend. De zon schijnt. Franciscus ontvangt gasten op het plein. U bent daar al vaker met mij geweest en ik sluit niet uit dat we elkaar nog vaker op deze plek tegenkomen. Ik kom er nu eenmaal graag.

 De paus was is langs gekomen in zijn open auto. Toch altijd een moment waarop een goedaardige vorm van massahysterie zich meester maakt van mensen van wie je zou denken dat ze een dergelijke uitspatting niet meer kunnen opbrengen. Opeens staat iedereen op de wankele sporthalstoelen die het Vaticaan voor deze gelegenheid ter beschikking gesteld heeft. Ook de mensen van mijn groep klimmen, sommigen met moeite, op die stoelen.  Alleen Corrie weigert, ze durft  het niet. ‘Daar ben ik te oud voor’, klinkt het gedecideerd.

Als de paus ook op zijn stoel zit, begint  op het hoofdpodium de voorstelling. Na het maken van een kruisteken, wordt een passage uit het Bijbelboek Wijsheid van Jezus Sirach voorgelezen, in wel acht talen: ‘Beschimp geen oude mensen, sommigen van ons worden ook oud. Maak je niet vrolijk over een dode, bedenk dat we allen zullen sterven.’ De leden van mijn groep, bijna allemaal gepensioneerd, knikken instemmend.

Vervolgens houdt de paus  een felle toespraak over de manier waarop wij met ouderen omgaan. Waar ouderen niet geëerd worden, is er geen toekomst voor jonge mensen. Ouderen worden genegeerd en afgedankt, zegt Franciscus. Een maatschappij die dat doet, is in zijn ogen pervers.

Hij legt zijn papier weg en laat een stilte vallen. "Jullie zeggen het niet openlijk, maar jullie doen het! Vanuit onze angst voor zwakheid en kwetsbaarheid tolereren we de ouderen niet en verlaten we hen."

“Nou, nou, die gaat tekeer”, zegt Corrie – de tachtig al voorbij-  naast me. Maar de paus is nog niet klaar. “Kinderen die hun oudere en zieke ouders niet bezoeken, hebben een doodzonde begaan. Begrepen?"

 “Ja, beste paus, ik heb het begrepen”, zeg ik hardop en moet aan een tante mijn buurvrouw en Ivo Opstelten (71) denken.  Onze minister van Veiligheid en Justitie lijkt nooit de onbezonnenheid van de jeugd lijkt te hebben gekend, maar al heel lang als zijn eigen, oudere broer door het leven te gaan.  Als burgemeester van Utrecht en Rotterdam was Opstelten geliefd en had hij aanzien. Zijn ministerschap begon nog goed, maar nu zit al een tijdje de klad erin. Hij is te oud, kan het allemaal niet meer bijbenen en heeft het contact met de moderne tijd verloren, zo heet het in Den Haag.

Inderdaad kijkt Opstelten af en toe naar zijn mobiel alsof er net een ufo is geland. En nu is hij weer bankafschriften kwijt. Je ziet hem denken: “Ik begrijp er niets van, ik bewaar al mijn bankafschriften in een speciale map, in de grote salonkast naast mijn postzegelalbums.”

 Hij zal wel moeten opstappen, ben ik bang. Voor je het weet lig je als minister in de weg, verhinder je de voortgang van de coalitie en telt ervaring niet meer. Ridderzaal, receptie, ridderorde en wegwezen.

En de metro kan voort.

Ik zal Opstelten missen, zoals je met lede ogen een buurman ziet vertrekken die de huizen uit je buurt nog heeft zien bouwen en nooit te beroerd was om een band te plakken.  Ondertussen blijf ik op mijn hoede. De paus zei het al: ‘De ouderen dat zijn wij allemaal. Vroeg of later, ook al hebben we het zelf niet door’. Ook ik. Wat voel ik me al oud.

Woensdag zit ik er weer. Zelfde plein, zelfde stoel. Dan spreekt de paus, zo kondigde hij zelf aan, over de roeping van de oudere “in deze zo speciale levensfase”.

Mijnheer Opstelten, gaat u met me mee?

 

Deze column verscheen eerder in Trouw van 7 maart 2015.

             

           

 

 
 

Agenda

De nieuwe paus

'Habemus papam!' schalde er op 13 maart over het majestueuze Sint-Pietersplein in Rome. Paus Franciscus is zijn naam, maar wat weten we nu eigenlijk over de nieuwe opvolger van Petrus?

Lees meer..
Vaticaan op YouTube